donderdag 31 mei 2012

Interview met Wilma, deel 1

Toen Wilma in het voorjaar van 2006 haarfabriek Boy (toen 5 jaar oud) ging ophalen bij het dierenasiel in Hilversum om hem een mandje bij haar thuis aan te bieden, werd haar gevraagd of zij er niets voor voelde om mee te helpen bij het socialiseren van kittens uit dit asiel. Wilma hoefde niet lang na te denken maar zei direct “Ja” op dit verzoek, kreeg een bench mee, kittenvoer, een kattenbak en grit.
Nog geen maand later was het zover: er was een moederpoes met 3 kittens van ongeveer 4 weken oud op straat gevonden en ze werden naar “Wilma’s Opvang” gebracht.
In haar huis had Wilma ondertussen al een kamer leeggehaald en helemaal opnieuw speciaal ingericht voor de opvang van de arme sloebertjes, dus ze was er wat dat betreft helemaal klaar voor. Erg veel ervaring met het opvoeden van kittens had ze nog niet, maar ze kreeg uiteraard instructies en de rest zou dan vanzelf wel komen.
Dit eerste nest was een makkie, vertelde Wilma ons. De kits waren al wat groter, de moeder was gelukkig niet wild maar een erg lief beest en ze verzorgde haar kits goed.

Na dit nest volgden er (tot nu toe) nog 23 gevallen waarvoor Wilma door het asiel werd ingeschakeld. Omdat ze ondertussen in die 6 jaar heel veel ervaring heeft opgedaan met het begeleiden van de kattenmoeders en hun kits en zich goed heeft verdiept in gedragsproblemen en medische zaken, krijgt Wilma tegenwoordig steeds vaker de wat meer ingewikkelde gevallen toegewezen.
Wilma heeft sinds het begin van haar opvang-activiteiten een fotoboek bijgehouden waarin ze al haar belevenissen en ervaringen met de diverse kits en hun moeders heeft opgeschreven.
Wij vroegen haar naar de “speciale gevallen” die haar het meest zijn bijgebleven, en het eerste wat haar te binnen schoot waren de 4 kits van een week oud die, toen ze 7 weken waren, FIP bleken te hebben. Eerst werd de moeder ziek; ze had het Corona-virus. Toen viel het Wilma ook op dat de kittens ongelijk opgroeiden; ze liet ze onderzoeken en de dierenarts kwam met het bericht dat ze allemaal FIP (mutatie van het Corona-virus) hadden en in moesten slapen omdat dat virus niet te bestrijden is en de kits dus sowieso zouden gaan sterven…
Heel bijzonder waren ook Frutseltje en Scruffie, de twee één-oogige vondelingetjes.

Frutsel
Broertje Scruffie overleed helaas de volgende dag, daarvoor kwam de hulp te laat. Maar met zusje Frutseltje gaat het heel goed. Zij is geadopteerd door haar redster.
Dan waren er natuurlijk de Heidepoesjes, een door een slecht mens achtergelaten nestje kittens op de Hilversumse hei, dat nog net op tijd gevonden werd door een blafbeest. Jawel, we hebben het hier over het nest van o.a. Igor en Gizmo, zij zaten ook in dat mandje maar huppelen nu vrolijk en gezond in de Katbladbuurt rond nadat ze eerst werden opgevangen en verzorgd/gesocialiseerd door Wilma.

Mike
Mike was ook heel bijzonder omdat hij zo’n enorme knuffel was.Wilma kan zich haar vorige "pleegkind” nog goed herinneren, niet persé omdat Mikey de laatste was maar omdat hij voortdurend bloedneuzen had.

Dan is er nog het bijzondere verhaal van Minous; zij leek zwanger, toen schijnzwanger, bleek toen toch echt zwanger te zijn.
En Moesje, ze was erg dik en leek heel veel kittens te gaan krijgen. En daarna ging er van alles mis. Het is een lang verhaal met rare, onverwachte wendingen en Wilma beloofde ons dat nog eens voor ons op te schrijven.

Hoort Wilma nog wel eens wat van haar opvangkittens nadat die zijn geplaatst?

Nou, eigenlijk niet. Igor, Gizmo en natuurlijk de Boez zijn uitzonderingen, maar Wilma neemt liever afscheid van de kits als ze vertrekken. Kort geleden nog hoorde ze hoe één van haar pleegkits was verongelukt; vreselijk om zo’n bericht te krijgen! Bovendien zijn er ondertussen zoveel kits bij haar in huis geweest, je kunt die niet allemaal blijven volgen… (mevrouw Katblad rekent even snel uit: 23 x ???, nee, inderdaad, dat is een onmogelijke zaak).

Krijgt Wilma nog iets van een vergoeding voor het socialiseren van de kittens?

Nee, tuurlijk niet! Wel bijvoorbeeld het speciale voer dat zwangere kattenmoeders nodig hebben gaat op rekening van het asiel, en de bezoeken aan de dierenarts uiteraard. Verder is het asiel zelf ook weer afhankelijk van giften (bijvoorbeeld door leveranciers geschonken kattenvoer) en Wilma koopt liever een wat breder assortiment brokjes en blikjes, opdat de poesjes leren om verschillende soorten voer te eten zodat de toekomstige verzorgers niet met haarfabriekjes met eetproblemen krijgen te doen. Ook koopt zij liever zelf het kattengrit (van het soort dat haar het beste bevalt en bovendien het meest veilige is voor kittens), en de speeltjes, dekentjes, mandjes en allerlei andere luxe zaken die nodig zijn schaft zij ook zelf aan.

Toen Wilma pas begonnen was met de opvang van kittens, kreeg zij een bench mee van het asiel, maar zodra de kleintjes geplaatst waren moest die bench gelijk weer worden teruggebracht. En daar Wilma lijdt aan spierreuma, werd dat heen en weer gesjouw te zwaar voor haar. Daarom heeft zij tenslotte zelf een bench gekocht die gewoon bij haar thuis kan blijven staan.

Gaat Wilma eigenlijk nog wel eens met vakantie?

Nee! Maar niet alleen vanwege de opvang van de kittens, hoor! Ook is het voor haar erg moeilijk om een oppas te regelen voor haar eigen katten. Bovendien is ze nog eens een keer 2 weken weggeweest en miste haar haarfabrieken toen dusdanig heftig dat ze besloot om dat maar niet meer te doen…. Wel gaat ze af en toe een dagje weg, gewoon om er even uit te zijn.

Nog even terug naar de opvang van kittens: wat doe je zo allemaal als ze bij jou zijn gebracht?

De eerste weken krijgen moederpoes en haar kits onder hun gewone dekens waarop ze liggen ook een paar elektrische warmtedekentjes. Wilma heeft door ervaring geleerd dat ze dat als erg prettig ervaren.

De eerste tijd verzorgt de moeder meestal zelfstandig haar kits. Wel moeten ze goed in de gaten gehouden worden. Het komt namelijk vaak voor dat de oogjes gaan ontsteken ten gevolge van een verkoudheid, en dan moeten die worden schoongemaakt. Wilma doet dat met afgekoelde kamillethee. Is de verkoudheid hardnekkig dan moeten er druppels van de dierenarts aan te pas komen. Ook moet natuurlijk vastgesteld worden of die verkoudheid toevallig geen niesziekte blijkt te zijn. Het gaat hier immers om moeders die zwervende waren, en dus niet ingeënt tegen allerlei vervelende ziektes; je moet er rekening mee houden dat ze iets onder de leden kunnen hebben.

Ze vindt het altijd weer een feest om te zien hoe de kits de kittenkamer gaan verkennen en aan het spelen gaan. Ze heeft altijd heel veel verschillende soorten speeltjes voor de kleintjes en natuurlijk een ook een paar klimpalen.

Na 6 weken, als ze zelfstandig eten, gaan de kits in ploegjes (als het er veel zijn) met Wilma mee naar beneden, naar de huiskamer. Daar kunnen ze ook kennis maken met haar eigen katten.

(morgen het vervolg van dit interview over 'Wilma's opvang')

interview: Mevrouw Katblad

1 opmerking:

ina zei

Wat leuk om dit te lezen als achtergrond voor het feest van a.s. zondag.