Posts tonen met het label nathalie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nathalie. Alle posts tonen

donderdag 18 april 2013

Jazar weer thuis na 3 jaar!

Het begin van 2010 was voor mij verschrikkelijk. Jambo, mijn oude zwarte kater was eind maart vredig op mijn schoot overleden. Ik had hem de vijf maanden daarvoor intensief moeten verzorgen omdat hij niet meer zelfstandig kon eten. Emotioneel zeer intensief, maar zeer de moeite waard. De band die ik met Jambo had, was intens en hij wilde me domweg niet verlaten. Pas aan het einde zag hij in dat het goed was, dat ik niet alleen zou achterblijven en dat hij altijd terug kon komen. Toen konden hij en ik elkaar loslaten.
Gelukkig had ik Jazar nog, eveneens een zwarte kater, maar nog een kitten. Wat was ik blij met hem! Het was nog zo’n speels kitten en heel lief en aanhankelijk.
 
Jazar voordat hij verdween.
Maar het noodlot sloeg toe. Begin mei overleed de oude kater van mijn beste vriend vrij plotseling aan nierfalen. Ik reisde naar mijn vriend toe om bij hem te zijn voor de begrafenis (in de achtertuin). Een nachtje ben ik maar weggeweest en een goede buurvrouw zorgde ondertussen voor Jazar. Toen ik terugkwam, was hij niet thuis. Dat was hij wel vaker niet, lekker ‘s nachts op stap. Maar de volgende ochtend op 5 mei lag hij niet naast me op bed.
Hel.
Posters plakken in de wijk, ‘s nachts rondlopen en met zijn eten rammelen. Alle instanties bellen. Zoeken, zoeken, zoeken. Mijn kleine katertje was verdwenen en we konden hem niet vinden. Alles geprobeerd, niets hielp. Totdat je moet loslaten, anders ga je er zelf aan onderdoor. Dat heb ik ook gedaan, mij gevoel volgend dat hij nog wel leefde en ooit weer bij me terug zou komen. Al was er wel een stuk van mijn hart weg met Jazar.
Gelukkig vond ik die zomer Arthur, het kitten waar de ziel van Jambo weer in kon incarneren. Heerlijk samen op de bank, kroelen en spelen, puur gelukkig zijn.
Later kwamen Rose, Mimi en Momo, elke kat speciaal, elke kat een geweldige toevoeging aan ons gezinnetje. We stelden dat het zo wel genoeg was, geen nieuwe katten in huis, hoewel er altijd een plekje voor Jazar zou zijn.
Drie jaar lang kijk je bij elke zwarte kat die je tegenkomt, is het hem? Drie jaar lang altijd de hoop gehouden. Af en toe bij Amivedi op de site kijken, nog een keer posters plakken. Vertrouwen op het feit dat hij gechipt is. Ooit zal ik een telefoontje krijgen.
Dat gebeurde afgelopen vrijdag 5 april, zomaar, eerst zit je te lunchen en dan gaat de telefoon. Jazar is gevonden, ja, het gaat goed met hem...
De opluchting, het wonder, het is niet te beschrijven, maar dan de domper: hij is bij iemand die hem al anderhalf jaar bij zich heeft. Hij is bij iemand die aan hem gehecht is. Wat nu? We hebben vier katten. Die nacht niet geslapen. We zouden hem zaterdag gaan bekijken, maar nog geen idee of we hem zouden meenemen. Dat je zo blij bent dat hij terug is, maar dat je iemand erg pijn gaat doen als je hem meeneemt. De beslissing is eigenlijk simpel, Jazar hoort bij mij. Gelukkig is degene die hem in huis heeft heel duidelijk, Jazar is van mij en als ik hem terug wil dan kan dat. Zo zou je dat ook met je eigen kat willen.


Jazar weer terug, kennismaking met Mimi.
Jazar ligt bij mij op schoot terwijl ik dit stukje schrijf. Hij leeft even op de slaapkamer, er komt nog enorm veel stress bij hem los, hij is zo lang weggeweest en heeft zoveel beleefd. Hij is ongecastreerd verdwenen in Leiden en gecastreerd aan komen lopen in Rotterdam!
De andere katten maken hem nog onzeker, hoewel ze heel lief en rustig naar hem zijn. We geven hem de tijd, hij gaat al stukje bij beetje vooruit. Mijn hart is weer heel, we hebben nu vijf katten.
 
Nathalie

woensdag 28 november 2012

Brandweer is held, oftewel wie loopt daar over het dak?


Dit verhaal begint maandagavond. Rond twaalf uur in het donker op het plein. Heel zielig kattengemiauw. Waar komt dat vandaan? Na even rondkijken is de kat gelokaliseerd. Op een dakkapel van een van de buurhuizen. Gelukkig niet een kat van ons, maar wel heel zielig.
 
Vertrouwend op de klimvaardigheden van de kat zijn we naar binnen gegaan en gaan slapen.
De volgende ochtend zit de kat er echter nog steeds. Alleen is hij/zij hoger geklommen en zit nu op de nok van het dak! Tijd voor actie!
Eerst geprobeerd de kat naar beneden te praten. Bij onze katten heb ik dat vaker gedaan. Na een uurtje bovenop een ladder in een boom, kreeg ik ze meestal wel zover dat ze ver genoeg naar beneden kwamen om ze te kunnen pakken. Dus vol goede moed, ik op een ladder aan de gang. Het is me gelukt om hem 1 meter omlaag te laten komen. Tot de bovenrand van het vlizoraam. Veel gemiauw en een grote plas later (ja, op een gegeven moment krijg je hoge nood), ging hij weer naar de nok van het dak. Hij vond het veel te eng om naar beneden te komen!
 
Daarna de dierenambulance gebeld. Daar kregen we te horen dat katten vanzelf wel naar beneden komen zodra ze honger en dorst krijgen. Nou deze kat liet duidelijk weten dat hij dat veel te eng vond en dat daar weinig kans op bestond. Toch maar eens kijken of de brandweer kon komen. Bart heeft 0900-TUIG gebeld en kreeg daar te horen dat het protocol was dat de brandweer pas na 24 uur in actie komt. Beter, alleen dan zouden ze pas woensdag ochtend komen omdat de 24 uur midden in de nacht afliep. Nog maar eens geprobeerd de kat naar beneden te praten, geen succes.

Gelukkig ging dinsdagmiddag de zon een beetje schijnen. De kat was op de schoorsteen geklommen en daar tussen de pijpen in slaap gevallen.
 
Toen de schemer in begon te vallen begon de kat wel onrustig te worden. Nog een nacht in de kou en het donker op het dak zag hij duidelijk niet zitten. Op de nokken van de daken liep hij heen en weer. Maar de lange schuine daken durfde hij niet af. Ondertussen kwamen de mensen die in de huizen woonden thuis van het werk en begonnen hevig tegen elkaar te klagen, dat die kat nog steeds op het dak zat en hoe erg het wel niet was dat ze dan weer de hele nacht een mauwende kat op het dak zouden hebben....

Maar van een van de buren kregen wij te horen dat hij er gisteren om half vijf ook al op zat. De 24 uur was om! Meteen de brandweer gebeld, ze zouden op de meldkamer even kijken of het mogelijk was om langs te komen en terugbellen. Heel snel kregen we het verlossende telefoontje. Ze hadden nog een andere klus en zouden op de terugweg langskomen! Bart is op de uitkijk gaan staan voor de brandweer, terwijl ik de kat heb uitgelegd wat er ging gebeuren. We hebben de ervaring dat dat wel helpt. Een kat die in paniek voor de brandweer wegvlucht is ook niet de bedoeling.

Niet lang daarna is de brandweer gearriveerd. Ze konden niets garanderen, als de kat over de nok zou weglopen, konden ze hem niet achterna. Dat wisten we wel en we waren al lang blij dat ze het wilden proberen! Dus een brandweerman werd met de ladder omhoog gebracht. Heel voorzichtig en beheerst. De kat begon toch weg te lopen en ging de veilige schoorsteen op. Met het gevaar dat de kat er aan de andere kant zou afspringen, is de brandweer toch verder gegaan. De brandweerman begon zacht tegen de kat te praten en de kat ging kopjes tegen de schoorsteenpijpen te geven. Nog ietsje dichterbij en de veiligheidsbalk van de kuip op de ladder omhoog. Nu kon de brandweerman verder vooroverbuigen. Het was al donker en moeilijk te zien, maar opeens hoorden we de kat luid mauwen en had de brandweerman hem in zijn nekvel. Veilig!

Spinnend liet de kat zich naar beneden vervoeren en Bart kon hem daar overnemen. Na de brandweermannen te hebben bedankt, hebben we de kat even mee naar binnen genomen om te zien of alles goed met hem was. Voor eten en drinken had hij niet zoveel belangstelling. Hij wilde het liefst terug naar zijn mens. We kennen de kat wel, hij komt wel vaker langs in onze tuin, alleen weten we niet van wie hij is. Erop vertrouwend dat hij zelf naar huis kon hebben we hem weer in de tuin gezet. In ieder geval is hij weer met zijn pootjes op de grond. Ik hoop dat hij weer fijn bij zijn mens is gekomen.
 
Nathalie

zondag 17 juni 2012

Bombus!

Mijn Arthur heeft vorig jaar erg fanatiek op hommels gejaagd en had daar de zichtbare gevolgen van. Soms liep hij met een dikke lip en op de foto met een dikke poot. Gelukkig is hij wijzer geworden en jaagt hij nu op muizen...

Groetjes,
Nathalie

dinsdag 10 januari 2012

De katten van Nathalie

Beste mevrouw Katblad,
je vroeg om foto's van de kittens, dus ik kan het beste even de rest van de
katten voorstellen:

Arthur, mijn ziele maatje! Is 5 weken ouder dan Rose en geboren op 2 mei
2010. Ik heb hem gekregen via Dierenasiel Stevenshage en ben helemaal gelukkig met hem. Onze grootste hobby is om samen door de wijk te lopen (Koppelstein). Net als jij met je haarfabrieken :-).
Mimi, is één van onze Noorse boskatten en is 15 mei 2011 geboren. Zij is ons prinsesje! Een hele mooie, zelfstandige poes en hele goede vriendjes met....
Momo, ons andere Noorse boskat kitten. Momo is 5 weken jonger dan Mimi en komt ook uit een ander nest. Hij kan heel goed met Mimi spelen, maar het ultieme genot van Momo is om door Rose gewassen te worden :-).
Mimi en Momo
Rose samen met Arthur
Nathalie

donderdag 5 januari 2012

Rose

Dit verhaal begint op de ochtend van 2 november. Ik word wakker en ik vraag me af waar Rose is. Rose ligt ʻs morgens altijd op mijn dekbed tegen mijn benen aan. ʻs Nachts was ze nog bij me geweest en zoals zo vaak, was ze rond het ochtendgloren even naar buiten gegaan en gewoonlijk komt ze dan na zonsopgang weer terug om lekker tegen mijn benen verder te slapen tot ik ook wakker word. Niet deze ochtend… Een knagend gevoel, ze zou toch niet?... Later in de ochtend geen Rose. Begin van de middag nog steeds geen Rose... Het knagende gevoel werd wanhoop. Rose vermist! Niet goed ! En ik had ook geen contact met haar...

Rose is een hele mooie zwarte Europese korthaar en ze is geboren in juni 2010 op een boerderij. Ze is mijn zielemaatje en reist met mij mee op en neer van Friesland naar Leiden, waar mijn goede vriendin Nathalie woont. Rose is helemaal aan het reizen gewend en gaat in de auto lekker liggen slapen op de bijrijdersstoel, veilig in haar eigen tuigje. De wijk waar Nathalie woont is een ideale kattenbuurt, veel struiken, tuintjes en bomen, allemaal ideale verstop- en speelplekjes.


Het is een autoluwe wijk in tegenstelling tot de buurt van mijn huis in Friesland waar ik aan de rand van een dorp woon langs een drukke doorgaande weg. Geen wonder dat Rose graag mee gaat naar Leiden, daar kan ze lekker buiten spelen met Arthur, de kater van Nathalie.

Rose heeft zich in het verleden twee keer in de nesten gewerkt. De eerste keer zat ze opgesloten in een garagebox, waarvan de eigenaar een dakraampje open had laten staan. De tweede keer was ze ingesloten in een fietsenberging. Beiden keren had ik een goed gedachtencontact met haar. Toen ze langer dan normaal weg bleef riep ik haar in gedachten en vertelde ze me dat het “even een probleem was” om te komen. Ik kreeg van haar beelden dat ze in een donkere ruimte zat opgesloten. Maar dit keer was het heel anders. Geen contact, alleen maar het heel korte: “Ik kom terug.” Voor de zekerheid toch maar de garageboxen en fietsbergplaatsen langs, geen Rose… De realiteit begint tot me door te dringen: “Neeeeee, Rose is vermist”. Wat doe je dan? Ik ben zelf een doener, die niet bij de pakken neer gaat zitten en je doet dan als mens alles wat je kunt doen als je geliefde zielemaatje vermist is: posters maken en door de hele wijk ophangen, Rose als vermist opgeven bij de Nederlandse Databank Gezelschapsdieren en de andere instanties die vermiste huisdieren registreren. Belangrijk, laat je dier chippen! Later in het verhaal lees je waarom. Daarna begint het wachten, het lange afgrijselijke wachten…
Het wachten is het ergste, je weet niet waar je geliefde kat is en of je haar ooit terug ziet. Ik had alleen het “Rose komt terug” waar ik me op kon richten. Maar wanneer en hoe, geen idee. Kort of lang? Als Rose of in een nieuwe incarnatie als kitten? Allemaal onzeker.
Toen Rose in haar vorige incarnatie bij me was en Pépé heette, ook als hele mooie zwarte Europese korthaar, is ze meer dan negen maanden vermist geweest, dat is een hele lange periode om te wachten. Toen wist ik gelukkig zeker dat ze weer terug zou komen, maar dat ik een lange periode geduld zou moeten hebben. Nu wist ik veel minder en raakte het me, omdat we een nog diepere band hebben dan toen. Ik heb me begraven in wat computerwerk om toch iets te doen te hebben, maar mijn gevoel was dood en afgesloten. Rose vermist, iets wat eigenlijk gewoon niet kan, maar toch gebeurd is…

Acht dagen later, ik zit met Nathalie in de auto en we rijden net terug van de “Badmeester”, het restaurantje op de duinen bij de Wassenaarse Slag. Het is rond zeven uur, mijn mobiele telefoon gaat over. Ik zet mijn auto aan de kant en neem op. “Hallo? Ja, we hebben uw kat gevonden” Eerst ongeloof, dan snel m'n opschrijfboekje pakken. “Waar is ze gevonden, waar is ze nu?” “We hebben haar gevonden in de straat bij de Morspoort in het centrum van Leiden en we zitten nu met haar bij mij broer in de Morsstraat.” Ik schrijf het nummer op en kijk naar Nathalie. Zij knikt bevestigend op mijn onuitgesproken vraag waar het is en hoe we er snel kunnen komen. “We komen meteen!” Ik kijk achterom om te kijken of de kattenreismand nog steeds in de auto staat, die staat er gelukkig nog, we rijden vlot naar Leiden. Zou het kunnen? Zou het echt Rose kunnen zijn?
In de Morsstraat aangekomen is het het juiste nummer zoeken. Ja we zijn er bijna. Kijk, de dierenambulance! In een flits begrijp ik het, het is Rose! Haar chip is uitgelezen en toen kon ik gebeld worden. De deur gaat open en we lopen mee naar de bovenwoning, daar ligt Rose in een stoel, ze is er niet goed aan toe, ik laat haar mijn hand ruiken en ik voel de golf van herkenning, die door haar heen gaat. Mijn mens is terug en bij me! Ze mauwt en heeft pijn. Ze heeft een wond aan haar rechter achterpoot en ze kan haar achterpoten niet gebruiken. Inmiddels praat Nathalie met de man van de dierenambulance, die vertelt dat Rose er slecht aan toe is en dat ze dringend naar een dierenarts moet. Er wordt gebeld en we kunnen meteen terecht bij Marie-José, van de dierenartsenpraktijk in de Stevenshof. Ik geef de jonge mensen die Rose hebben gevonden vijftig euro als beloning. Echte helden, ze zagen Rose liggen, mauwend en wel, iedereen liep aan haar voorbij, zij niet, ze hebben Rose meegenomen naar het huis van een broer, die in de Morsstraat woont en daar de dierenambulance gebeld. Deze helden hebben zeker een beloning verdiend. Als ze in de toekomst weer een dier in nood zien, zullen ze zeker weer tot actie overgaan.

We zijn bij Marie-José in haar nieuwe dierenartsenpraktijk in de Stevenshof. Rose ligt op de behandeltafel op een warmtematje en tegen een warme kruik. Haar temperatuur was beneden de drieëndertig graden toen we binnen kwamen en is dat nog steeds. Ze heeft ook net een verwarmd infuus gehad, zo proberen we haar temperatuur weer omhoog te krijgen. Een kat heeft normaal een temperatuur van ongeveer negenendertig graden. Rose is dus nog steeds zwaar onderkoeld. Marie-José heeft al geconstateerd dat haar bekken waarschijnlijk gebroken is en dat er mogelijk meer aan de hand is. Het ziet er allemaal toch wel zorgelijk uit. Marie-José heeft net röntgenfoto's gemaakt met haar nieuwe digitale röntgenmachine en is deze op een grote monitor in de röntgenkamer aan het bekijken. Nathalie en ik zijn bij Rose, Rose kijkt ondanks alles nog wakker uit haar ogen en is blij dat de mensen die ze zo goed kent bij haar zijn. Marie-José komt terug uit de röntgenkamer en kijkt bezorgd. Niet alleen Rose haar bekken is gebroken, maar ook één van haar achterpoten is uit de kom geklapt. Dat klinkt vrij ernstig. Marie-José geeft uitleg: “Een gebroken bekken kan goed helen met benchrust, maar met een poot uit de kom moet ze echt naar een orthopedisch chirurg, dat wordt waarschijnlijk opereren.” Rose leest mijn gedachten mee. Benchrust is oké, maar een chirurg en opereren, daar heeft ze echt geen zin in. Ze laat haar kopje zakken en doet haar ogen dicht. We kijken alle drie verbaasd naar Rose. Ze zal toch niet?…Het lijkt er wel op, ik voel dat ze uit haar lijfje trekt, ook haar ademhaling wordt oppervlakkig. Marie-José neemt nog een keer de temperatuur, nog steeds niet meetbaar. Ik vraag Marie-José wat haar observatie als dierenarts is en ze bevestigt wat ik al voel, het lijkt er op dat Rose aan het overgaan is... Nadat Rose zich steeds verder uit haar lijfje terug trekt vraagt Marie-José wat wij willen. Nathalie en ik zijn eensgezind, een natuurlijke overgang. We hebben dat eerder meegemaakt met twee van onze katten. Als je kat opstapt is dat toch wel de mooiste manier, mits een kat geen ondraaglijke pijn heeft. Marie-José staat helemaal achter onze keus, we kunnen gewoon bij haar in de praktijk blijven met Rose, dat is voor haar geen probleem. Dierenartsen kunnen echte helden zijn. Marie-José schakelt het warmtematje uit en we halen ook de warmtekruiken weg om de overgang voor Rose zo gemakkelijk mogelijk te maken, haar hartje klopt nog sterk, het overgaan zal nog een poosje duren. Uiteindelijk tilt Rose haar kopje op, doet haar ogen open en kijkt mij recht aan. Ik heb vaker gehoord, dat zowel mensen als dieren vlak voor het overgaan nog een heel helder moment kunnen hebben. Ik kijk Rose recht in haar ogen en aai haar. “Het is oké meid, het was kort, maar we hebben samen een mooie tijd gehad gedurende de anderhalf jaar die je bij me was. Het is oké, als jij niet meer wilt mag je opstappen en zie ik je weer terug als kitten zodra jij en ik daar klaar voor zijn.” Rose kijkt mij diep aan en dan...dan krabbelt ze op. Ze probeert op haar voorpoten te gaan staan... We kijken alle drie verbaasd naar Rose en naar elkaar. Marie-José pakt een thermometer, ze wil weten wat er aan de hand is. Rose haar temperatuur is aan het stijgen. Drieëndertig vier en een kwartier later drieëndertig acht! “Dit kan ik niet meer verklaren” zegt Marie-José “Dit is de tweede keer deze maand, dat er hier zoiets gebeurt.” We zijn alledrie heel blij dat Rose weer terug komt. Alle tekenen van overlijden waren er, ik voelde ze, Marie-José zag ze. En dan toch komt ze weer terug, het was duidelijk haar tijd nog niet. Marie-José schakelt snel het warmtematje weer in en maakt nog een warme kruik. We besluiten om Rose veilig bij haar de nacht door te laten brengen in een van de kattenverblijven.

Ik ben net wakker als de telefoon gaat. Het gaat goed met Rose. Het warmtematje moest zelfs uit omdat Rose in haar verblijf lag te hijgen. De temperatuur is goed, rond de negenendertig graden. Marie-José vraagt wat we willen doen. “De orthopeed, zoals we besproken hebben.” Er is nog even overleg met onze eigen dierenarts en dan belt Marie-José de orthopedische praktijk in Den Haag. We kunnen er meteen terecht, we stappen in de auto, halen Rose op bij Marie-José en rijden naar Den Haag.
Rose blijft in eerste instantie een volle week in Den Haag. Niet alleen haar bekken is gebroken en haar heup is uit de kom, maar na het weekend blijkt dat de huid van de lelijke schaafwond op haar rechterachterpoot aan het loslaten is. Die wond is hierdoor de grootste zorg. Gelukkig heeft dokter How hier ervaring mee en verzorgt de poot van Rose vakkundig. Na een week kunnen we Rose ophalen, haar poot zit stevig in het verband.


Rose is blij dat ze weer in haar vertrouwde omgeving is en wij zijn blij dat Rose weer bij ons is. Vanaf dat moment gaan we elke week met Rose op controle in Den Haag. We hebben inmiddels twee maal hechten en vijf wekelijkse controles inclusief verband wisselen achter de rug, geduld is een schone zaak. Afgelopen week mocht Rose eindelijk zonder verband, maar wel met kapje op mee naar huis. Haar poot is nu verder aan het genezen en Rose begint er voorzichtig weer op te lopen. Haar beide achterpoten blijken goed te functioneren, opereren heeft geen haast en kan voorlopig uitgesteld worden. We hopen allemaal dat haar achterpoten zo blijven functioneren.

Toen Rose weer terug kwam zijn we helemaal voor het herstel van Rose gegaan en hebben daar al onze energie in gestoken en het heeft veel energie gekost! Maar we zijn heel blij dat mijn zielemaatje Rose er weer bovenop aan het klauteren is en steeds verder aan het genezen is. We hopen dat ze goed herstelt en dat ze binnenkort zonder kapje, op vier poten door huis loopt. Zodra ze sterk genoeg is mag ze ook weer naar buiten, eerst aan een tuigje en daarna weer helemaal los, want Rose is een echte buitenkat!


We zijn dolblij dat Rose weer bij ons terug is en dat ze weer aan de beterende hand is. We zijn financieel bijna blut, en hebben al onze tijd en energie ingezet en dat was de juiste beslissing. We zouden dat meteen weer doen.

Bart (en Nathalie)